22 augustus, 2016

Vrijgevigheid

VrijgevigheidReflectievragen bij de deugd Vrijgevigheid:

In het oude Griekenland was het een geijkte methode om een deugd te situeren als ‘het juiste midden’ – niet te weinig en niet te veel. Het klassieke paar ondeugden waartussen vrijgevigheid zich dan bevindt, is enerzijds hebzucht en anderzijds spilzucht. Wie te kampen heeft met hebzucht heeft te weinig van datgene wat vrijgevigheid tot deugd maakt (of houdt teveel voor zichzelf); wie zichzelf tegenkomt als spilzuchtig, heeft ‘te veel’, volgens de pakkende uitdrukking ‘een gat in de hand hebben’ (of geeft te weinig).¹

¹Geciteerd uit het boekje ‘Zuinigheid met vlijt’ onder redactie van Louke van Wensveen en Harm Dane.

  • Hoe ga jij om met vrijgevigheid? Trek je, bij wijze van spreken, zonder na te denken ‘je portemonnee’ om te doneren? Omdat je hart het je ingeeft? Of handel je (ook) vanuit plicht, of schuldgevoel wanneer je geeft?
  • Wat is het verschil tussen ‘spontaan geven vanuit het hart’ en ‘vanuit plicht of schuldgevoel’ geven?
  • Kun je een voorbeeld noemen, dat je in je vrijgevigheid neigde naar spilzucht? Wat maakt spilzucht in jou los?
  • Kun je een voorbeeld noemen, dat je neigde naar hebzucht? Wat maakt hebzucht in jou los?
  • Hoe kun je deze week vrijgevigheid inzetten? Rekening houdend met ‘het juiste midden’?
  • Op welke gebieden kun je als mens vrijgevig zijn? Denk aan geld, bezit, aandacht, tijd, liefde, talent, …
  • Wat heb jij anderen te geven/bieden? Wat wil je liever (of kun je ook maar beter, voorlopig of altijd) voor je zelf houden?
  • Wat zou je graag ontvangen?

Laat je een reactie achter op het Facebook van Uitgeverij ACT on Virtues?
Alvast bedankt voor je vrijgevigheid 🙂

 

Bewaren

Facebooktwitterlinkedin
← Terug naar vorige pagina